15 september 2013

Alkmaarse oorlogsslachtoffers: Gezin Trijbetz/Bonn

15 september 2013
Joseph Trijbetz (ook gespeld als Trijbets) wordt op 1 september 1853 geboren in Alkmaar als zoon van Levie Trijbetz en Dina Trompetter. Joseph is net als zijn vader koopman als hij op 19 maart 1879 in Amsterdam in het huwelijk treedt met Marianne Bonn. Marianne, geboren in Amsterdam, is een dochter van Simon Marcus Bonn en Aaltje Joseph Rubens.

Joseph en Marianne gaan in Alkmaar wonen waar ze achtereenvolgens woonachtig zijn op de Verdronkenoord, Achterstraat en de Bierkade. Ze krijgen acht kinderen:

- Levie wordt geboren op 20 maart 1881 in Alkmaar. Net als zijn vader en grootvader is Levie koopman. Rond 1906 trouwt hij met de uit het Duitse Goddelsheim afkomstige Rosalchen Jakob. Het echtpaar gaat aan de Langestraat in Alkmaar wonen. Daar worden hun drie kinderen geboren: Siegfried, Marianne en Isidor Bob (beiden overleven de oorlog). Levie en Rosalchen overleven ook de Tweede Wereldoorlog. Ze blijven in Alkmaar wonen, waar Levie overlijdt in 1953 en Rosalchen drie jaar later.
Nieuw Israelietisch weekblad 25/12/1953
 Zoon Siegfried huwt in 1940 met Ada Dassi. Ze worden beiden vermoord in Sobibor op 16 juni 1943.

- Simon wordt op 27 januari 1882 in Alkmaar geboren. Op 4 november 1908 trouwt Simon, koopman en winkelier, in Strijp, Noord-Brabant, met Clara Wertheim. Clara is geboren in Bladel en Netersel en een dochter van Heiman Wertheim en Henriette Hochheimer.

Simon heeft sinds 1906 een zaak in luxe- en huishoudelijke artikelen in Alkmaar en het nieuwbakken echtpaar gaat dan ook in de kaasstad wonen. Eerst hebben ze een woning aan de Magdalenastraat, naderhand verhuizen ze naar de Langestraat. Er worden drie kinderen geboren: Marianne Annie, Herman en Joseph Henri (Jo). In februari 1930 overlijdt zoon Herman na een korte ziekte, slechts 17 jaar jong. In 1937 stopt Simon met zijn winkel en het gezin verhuist naar Amsterdam. Dochter Marianne woont daar al nadat ze het in het huwelijk is getreden met Herman Bierman. In 1935 wordt er een dochter geboren, in 1938 een zoon.
Marianne en haar twee kinderen( © Joods Historisch Museum)

Simon, Clara en de nog thuiswonende Jo wonen in februari 1941 aan de Uiterwaardenstraat 136 II. In juli 1942 wordt het gezin van dochter Marianne naar Westerbork gedeporteerd en van daaruit naar Auschwitz. Marianne en de kinderen Francisca en Robert worden daar op 18 juli 1942 vermoord, vader Herman Eduard op 1 augustus.

Voor Simon en Clara is het einde ook bijna nabij. Op 20 april worden ze vanuit Westerbork op transport gezet naar Sobibor. Bij aankomst worden ze vergast. Zoon Jo is de enige van het gezin die de oorlog overleeft.

- Anna Alida is de oudste dochter. Zij komt op 26 mei 1883 ter wereld. Op 29 mei 1923 trouwt zij in Alkmaar met Hartog Naftali Huisman, afkomstig uit Zuidbroek waar hij op 13 juli 1876 wordt geboren. Hartog was eerder gehuwd met Frouwke Kroon die in 1921 overleed.

Alida, zoals ze meestal werd genoemd, gaat in Appingedam wonen, ook omdat Hartog daar een slagerij heeft. Bij hen wonen de drie kinderen van Hartog ui zijn eerste huwelijk, Emma, Joseph en Nathan. In 1924 bevalt Alida van een doodgeboren kindje. Twee jaar later verdrinkt Nathan, ook wel Nico genoemd, bij het baden in de Heekt. In 1932 verruilt het gezin Appingedam voor Den Haag. Daar wonen ze onder meer aan de Goeverneurlaan en de Drebbelstraat.

Alida en Hartog worden beiden op 11 december 1942 vermoord, Alida in Auschwitz en Hartog in Monowitz. Emma was toen al ruim een maand dood, zij kwam in Auschwitz om het leven. Joseph, ook wel Joop genoemd, trouwt een niet-Joodse vrouw en met haar krijgt hij ook kinderen. Zijn vrouw en kinderen overleven de oorlog, Joop wordt begin 1944 vergast in Auschwitz.

- Marcus (Max) is de tweelingbroer van de hiervoor genoemde Alida. Hij is van beroep koopman van huishoudelijke artikelen. Op 2 juli 1922 trouwt hij Betje (Berta) de Vries. Berta is geboren op 9 november 1889 als dochter van Abraham de Vries en Willemina de Vries.

Max en Berta gaan na hun huwelijk in Alkmaar wonen, waar ze achtereenvolgens woonachtig zijn op de Achterstraat, Magdalenastraat, Hoogstraat, Baansingel, wederom Hoogstraat en tenslotte de Kooltuin. In 1923 wordt een dochter geboren

In maart 1942 woonde het gezin aan de Kooltuin 23. De moeder van Betje, Willemina, woont inmiddels bij het gezin in. Een paar maanden erna moeten alle Joden Alkmaar verlaten dus ook het gezin Trijbetz/De Vries. Betje en haar moeder Willemina komen op 12 februari 1943 in Auschwitz om het leven, Marcus wordt daar 16 dagen later vermoord. De dochter van Marcus en Betje overleeft de oorlog. 

- Abraham wordt op 29 oktober 1884 geboren. Hij overlijdt een paar dagen later, op 1 november 1884.

-David wordt geboren op 15 oktober 1885. Op 19 mei 1911 gaat hij in ondertrouw met Rachel Gokkes, dochter van Abraham Gokkes en Betje de Haan. Op 7 juni van dat jaar trouwen ze in Zaandam. David en Rachel gaan in Amsterdam wonen waar drie zonen worden geboren: Joseph, Adolf Abraham en Arnold. In 1941, David handelt dan in piano's, woont het gezin op de Rijnstraat 193 II in Amsterdam. Vanwege zijn handel in piano's staan er tot en met mei 1942 advertenties in verschillende kranten waar hij om piano's vraagt.

De Gooi- en Eemlander 23-05-1942
Joseph, pedicure van beroep, is de eerste van het gezin die de dood vindt. Op 30 september 1942 wordt hij vermoord in Auschwitz. Arnold trouwt op 12 augustus 1942 met Esther Springer. Samen met Esther wordt Arnold op 23 maart 1943 gedeporteerd naar Sobibor. Bij aankomst worden ze vergast. De derde zoon Adolf Abraham overleeft de Oorlog.

David en Rachel vinden samen het einde. Op 1 juni 1943 worden ze gedeporteerd naar Sobibor. Op 4 juni komen ze aan en worden ze vermoord. In totaal worden op 1 juni 1943 3.006 mannen, vrouwen en kinderen naar Sobibor gedeporteerd. Jules Schelvis is de enige overlevende van dit transport.

- Dina, het eennajongste kind, komt op 8 maart 1887 ter wereld.  Op 14 december 1910 treedt ze in Alkmaar in het huwelijk met Isaac de Leeuw, een boekhouder en zoon van Philip Isaac de Leeuw en Elsje Lelie. Dina en Isaac wonen in Alkmaar aan de Koorstraat, maar verhuizen eind 1911 naar Utrecht. Daar wordt in 1913 dochter Elselina geboren.  In 1917 vertrekt het gezin naar Den Haag. Daar wordt in 1929 zoon Philip geboren. Na op verschillen adressen in de residentiestad te hebben gewoond verhuizen ze op 19 januari 1939 naar de Mient 3. Daar houdt vader Isaac ook zijn accountantskantoor. Isaac, Dina, Elselina en Philip worden tezamen naar Westerbork gedeporteerd en van daaruit naar Auschwitz. Daar worden ze vermoord op 19 november 1942.
-Grietje is de jongste van de kinderen Trijbetz. Zij wordt op 3 mei 1888 geboren. Op 18 juni 1913 trouwt ze in Alkmaar met Emanuel Alexander Manasse, een stoffeerder van beroep. Grietje en Emanuel gaan in Alkmaar wonen, eerst aan de Nieuwesloot, vervolgens aan de Geest. In 1915 wordt het gezin uitgebreid met een tweeling, twee zoons. In augustus 1916 verhuist het gezin naar Amsterdam. In februari 1941 wonen Emanuel en Grietje aan de Rustenburgerstraat 270 I. Hun twee kinderen, die de oorlog overleven, zijn het huis inmiddels uit.  Grietje en Emanuel overlijden samen, ze worden op 10 september 1943 vermoord in Auschwitz. 


Moeder Marianne viert op 24 februari 1918 haar zeventigste verjaardag en ter gelegenheid daarvan wordt er een familiebericht in de krant gezet. In augustus van dat jaar overlijdt ze echter.

 Joseph hertrouwt in 1920 met Cornelia van Zwaanenburgh. In 1927 overlijdt hij, 74 jaar oud.

Bronnen

Archief Alkmaar
Amsterdams Stadsarchief
Joods monument
Koninklijke Bibliotheek
Stichting Sobibor
Wie was Wie
Digitale stamboom Den Haag
Archieven.nl
Oorlogsgravenstichting
Joods Historisch Museum
Allegroningers.nl

0 reacties:

Een reactie plaatsen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...
 
◄ ►